Het Engels kent de keuze between a rock and a hard place. Je kunt het ook een dilemma noemen. Welke keuze je ook maakt… ergens doet het pijn. Bij jou, de ander, of allebei.
In de politiek komt daar een extra dimensie bij. Hier gaat het om grote groepen mensen, om vaak enorme belangen, soms zelfs om leven en dood.
Leiders besluiten over het beginnen of beëindigen van een oorlog. Over actie ondernemen of deze uitstellen wanneer ze op korte termijn onaangenaam lijkt, maar op lange termijn onvermijdelijk is (klimaat?). En over een kleine elite privileges afnemen ten gunste van een meerderheid… wat logisch lijkt. Tenzij die elite jouw leven als politicus een stuk moeilijker weet te maken dan die grote, vaak passieve en relatief machteloze meerderheid het kan.
Democratie is prachtige politiek, veel beter dan anarchie of dictatuur.
Ze kent echter ook gevaren, wanneer grote groepen mensen zich niet of nauwelijks informeren en vooral aan hun korte-termijnbelang denken. Ik spreek hier over het volk, dat formeel gezien de baas is in die democratie. Ik heb het ook over politici, die in de regel beter geïnformeerd zijn, maar eveneens vatbaar voor een bijziende vorm van eigenbelang: de peilingen van de dag, en de verkiezingen van morgen.
Dat leidt ertoe dat zowel kiezers als leiders nogal eens lastige keuzes vermijden die óók in hun eigenbelang zijn, of in dat van hun kinderen en kleinkinderen.
We proberen dan de rots en de harde plek te passeren terwijl we onszelf eigenlijk met een van beide – of allebei – dienen te confronteren.
Een voorbeeld: als je werkelijk gelooft in de noodzaak van stikstofbeleid, dan ga je hiervoor, ook al kunnen een deel van de boeren en de agro-industrie je bloed vervolgens wel drinken.
Dat lukt des te beter wanneer je die boeren niet als enige de rekening presenteert van je stikstofbeleid. Er zijn ook andere stikstofvervuilers, naast de veehouderij: denk aan Schiphol, Tata Steel, en wij als consumenten die de wereld rondvliegen via Schiphol en overmatig vlees en zuivel afnemen van diezelfde veehouderij.
Alleen in de perfecte wereld is politiek louter leuke dingen doen voor alle mensen.
In de echte wereld is politiek belangen van de een boven belangen van de ander stellen. Harde keuzes maken tussen verschillende soorten eigenbelang. En het zo eerlijk mogelijk verdelen van onvermijdelijke pijn.
Ander voorbeeld: migratie. De meest extreme stemmen stellen ons voor een keuze tussen ofwel grenzen dicht gooien ofwel ze wagenwijd open zetten. Daar bevinden zich allerlei verstandige keuzen tussenin, geen van alle echter opties waarmee je overal vrienden maakt. Wat hoe dan ook helpt, is het niet-verketteren van anderen vanwege hun opinies. En het helpende handen bieden aan juist die burgers die de gevolgen van massamigratie of falende integratie aan den lijve voelen, of zij nu autochtonen, arbeidsmigranten of asielzoekers zijn.
Het is te gemakkelijk om hierbij met een moreel verheven vingertje te wijzen naar politici als Wilders, de vermeende handelaars-in-haat en nieuwe ‘fascisten’.
Zo leek het mij vooral een gemiste kans om geen enkel onderscheid te maken bij de Haagse demonstratie van 21 september, tussen mensen die protesteerden tegen massamigratie, en relschoppers; en hen in plaats daarvan weg te zetten als één grote zwarte meute.
Of om vervolgens te weigeren samen op te trekken met alle andere politieke partijen, en PVV en FvD verantwoordelijk te stellen voor al dan niet politiek gekleurd vandalisme. Je zou bijna gaan denken dat niet alleen rechtse politici baat hebben bij politieke polarisatie, maar dat die ook voor D66 of PvdA/GroenLinks kan neerkomen op een electoraal verdienmodel.
Vol verwachting kijk ik voorbij de verkiezingen van woensdag uit naar politici die onder ogen zien dat wat pijn doet, vaak te verkiezen valt boven wat pijnloos lijkt.
Dit artikel is geschreven door Remko van Broekhoven. Meer weten? In gesprek over een lastig dilemma? Neem direct contact op met Remko of met een van de andere partners van Duivelse Dilemma’s.
(Beeld: Bernd 📷 Dittrich on Unsplash)